KeyGene al 30 jaar op Wageningen Campus

Nieuws

KeyGene al 30 jaar op Wageningen Campus

Gepubliceerd op
11 juni 2019

Agro-biotech bedrijf KeyGene is sinds 1989 gevestigd op het Agro Business Park, onderdeel van Wageningen Campus. Op 20 juni wordt het 30-jarig bestaan gevierd met het personeel, waarvan velen al lang bij het bedrijf betrokken zijn. CEO Arjen van Tunen ziet voordelen om deel uit te maken van de campus: “WUR is een groot en krachtig ecosysteem, daar wil je bij horen.”

Wat doet KeyGene precies en voor wie?

“KeyGene doet onderzoek naar biotechnologische technieken om nieuwe gewassen te maken. We zoeken o.a. naar nieuwe resistenties en ontwikkelen nieuwe sequencing technieken en technieken op het gebied van genotypering. Wij noemen onszelf ‘the crop innovation company’.

De oprichting van KeyGene 30 jaar geleden was een initiatief van vijf veredelingsbedrijven (Enza Zaden, Royal Sluis, De Ruiter Seeds, ZPC en Cebeco) met als doel om via KeyGene kennis over biotechnologie te verzamelen en zelfstandig te kunnen blijven opereren. De huidige aandeelhouders van KeyGene zijn Enza Zaden, Rijk Zwaan, Limagrain Vegetable Seeds en Takii Seeds.

Kruisingen kunnen qua uiterlijk (fenotype) oninteressant zijn, maar genetisch wel waardevol. Door de genen van potentiële gewassen in kaart te brengen, bijvoorbeeld met onze mutatiedetectietechniek, kunnen we die genen volgen en gebruiken. 

We zoeken dus naar technologieën en naar genen (en hun toepassing) en hebben op dat gebied wereldwijd 500 patenten en –aanvragen lopen op 70 verschillende uitvindingen.

De inkomsten van die patenten investeren we weer in ons bedrijf. Dit is een goed werkend businessmodel. We functioneren als een verlengde researcharm voor onze aandeelhouders en staan qua onderzoek in tussen de zaadbedrijven en de academica.”

30 jaar KeyGene; Is er veel veranderd in die 30 jaar? Waar werkten jullie toen aan en nu?

“De eerste 15 jaar was KeyGene een bedrijf op basis van één technologie, namelijk AFLP-fingerprinting. In 2004 was de top hiervan voorbij en was er een innovatiepush nodig. In 2005 hadden we als eerste in Europa nieuwe sequencers, wat een enorme boost gaf aan ons werk. Onze nieuwste vinding is een mutatiedetectietechniek om variatie in genen te detecteren.

De focus van ons onderzoek is wel veranderd. In de eerste jaren werkten we aan groenten en fruit, nu aan meerdere gewassen. In de beginperiode hebben we ook onderzoek gedaan aan dieren en micro-organismen, maar die genetica is heel anders dan van planten. Bovendien kenden we die wereld niet. De toepassingen én die markt zijn anders, dus we beperken ons nu tot planten.

Ook verschuift de focus van ons werk richting big data. De nieuwe DNA-technieken leveren veel data op en er is dus behoefte aan analyse van die data, waar andere expertise voor nodig is.

Wat ook duidelijk anders is geworden is de concurrentie. Dertig jaar geleden liepen Europa en de USA voorop, nu vindt wereldwijd goed onderzoek plaats en komen China en India erbij als belangrijke spelers.

Vergeleken met 30 jaar geleden werken we meer samen met andere organisaties en universiteiten. Iedereen zoekt naar complementaire kennis. Bij de start van een project wil je de beste expertise inzetten. Als je in een project duidelijk de rollen definieert en goede afspraken maakt, dan gaat die samenwerking doorgaans heel goed.”

“We werken heel veel samen met WUR bijvoorbeeld aan nieuwe gewassen zoals de Nederbanaan en aan rubber uit paardenbloemen, een langlopend project. Wij hebben meegefinancierd aan de methode om bananen in de kas in bloei te krijgen. Nu werken we samen aan het resistentieonderzoek. En tijdens 100 Years hebben we een workshop Plantenveredeling verzorgd samen met Ernst van den Ende, directeur bij PSG."

KeyGene kas

Maken jullie gebruik van de faciliteiten/apparaten op de campus?

“Jazeker. WUR en KeyGene maken over en weer gebruik van elkaars apparaten. Zo was er een regeling dat twee van onze analisten op WUR-apparatuur werkten en twee WUR-analisten bij ons onderzoek deden. Wij maken gebruik van de DNA-mapping apparatuur van Shared Research Facilities en ook maken we als we te kort komen gebruik van elkaars kassen en proefvelden.”

Jullie zaten al op de campus voordat het officieel Wageningen Campus werd. Ervaar je voordelen van Wageningen Campus?

“Niet alleen op het gebied van faciliteiten, maar veel van de mensen die bij ons werken hebben een WUR-achtergrond. WUR maakt als universiteit deel uit van een groot en krachtig ecosysteem met kleinere bedrijven daaromheen. Daar wil je bij horen. Daar zitten de opleidingen, jonge mensen met ideeën; daar maken we dankbaar gebruik van. En WUR profiteert weer van de expertise en de financiën van de omliggende bedrijven.

Door dat ecosysteem hebben we samen meer klanten. Klanten komen zowel voor WUR als voor ons. Met dit alles wil ik niet zeggen dat je op elkaar moet leunen. Uiteindelijk moet je als bedrijf zelf je beloften waar kunnen maken, maar ik ben er voorstander van om vanuit kracht samen te werken.”

Er zijn in Wageningen meerdere bedrijven die vergelijkbaar onderzoek doen. Zie je hen als collega’s of als concurrenten?

“Als die bedrijven dezelfde expertise hebben en dezelfde toepassingen, dan zijn het onze concurrenten. Maar wij ervaren meer concurrentie vanuit de USA en China. Daarom is het beter om binnen Nederland samen te werken, om die concurrentie voor te blijven.”

Zijn er nog dingen die je mist op de campus?

“Ons stukje campus was een beetje aan het verpieteren, maar is onlangs al aangepakt met nieuwe gebouwen, minder hekken, meer groen. Horeca op dit stuk van de campus zou ook mooi zijn en een verbinding met de bedrijven aan de overkant van het kanaal is voor ons ook handig.”

Hoe zien jullie de toekomst op de campus?

“Wij hopen nog verder te kunnen groeien op deze plek. We hebben hier in Wageningen zo’n 135 mensen in dienst en ruimte voor 150 medewerkers, dus we kunnen nog even vooruit.

Wij hebben nog niet zo lang geleden een Crop Innovation Center achter ons pand gebouwd; kassen met kleine compartimenten, een kas op het dak en vele proeffaciliteiten als klimaatkamers. Voor grotere proeven hebben we 6.000 m2 kas in Huissen en qua medewerkers kunnen we nog uitbreiden. Ik kan maar één nadeel verzinnen: de strenge regelgeving in Nederland en Europa. We hebben in Nederland prima kennis, faciliteiten, mensen, infrastructuur, innovaties, patenten, maar de regelgeving is strenger dan elders. We hebben bijvoorbeeld met CRISPR/Cas goud in handen, maar kunnen het niet uitbuiten.”

Onderzoeker KeyGene